SLIMME LEEFOMGEVING
Hans Tijl over de toekomst van de slimme stad

‘Onze data-infrastructuur moet grondig geïnnoveerd worden’

Smart Cities is een hot topic. Ook het Ministerie van Infrastructuur en Milieu werkt aan slimme oplossingen voor de stad, zoals op het gebied van waterbeheer en mobiliteit. Zijn Smart City initiatieven nu nog relatief sectoraal, kleinschalig en experimenteel. De ambitie is te komen tot opschaling en cross-sectorale innovaties.

Hoewel een blauwdruk voor dé slimme stad niet bestaat, zijn we toch benieuwd welke mogelijkheden de slimme stad ons in de toekomst gaat bieden. We vragen het Hans Tijl, als directeur Ruimtelijke Ontwikkeling bij het Ministerie van Infrastructuur en Milieu verantwoordelijk voor de beleidsverkenning Smart Cities: ‘Iedereen die de toekomst voorspelt, zit ernaast. Maar ik doe een educated guess’.

‘Iedereen die de toekomst voorspelt, zit ernaast. Maar ik doe een educated guess’

HANS TIJL, DIRECTEUR RUIMTELIJKE ONTWIKKELING MINISTERIE VAN INFRASTRUCTUUR EN MILEU

Waarom zijn Smart Cities zo’n hot topic?

‘De populariteit van de stad neemt alleen maar toe, om te wonen, te werken en te bezoeken. Daarnaast hebben we ook nog te maken met de gevolgen van klimaatveranderingen en vergrijzing. Dat brengt tal van maatschappelijke uitdagingen met zich mee. Hoe zorgen we dat we de ruimte efficiënt benutten, droge voeten houden en gebruikmaken van duurzame energie? En hoe krijgen we voldoende kwalitatief voedsel de stad in en afval de stad weer uit én managen we ondertussen de verkeersstromen? Dit soort vraagstukken kunnen we beter oplossen dankzij de mogelijkheden die de ICT-revolutie ons biedt. Maar dan moeten we wel slim gebruikmaken van big data en geo-informatie. En zonder een krachtige openbare data-infrastructuur komen we er niet. Daarom moet elk huis een glasvezelaansluiting krijgen.’

Kabelaars hebben niet langer het monopolie?

‘We verzamelen steeds meer data, over hoe en waar we ons bewegen, over het weer, over energieverbruik, et cetera. Bovendien neemt sensortechnologie een grote vlucht. Sensoren zitten niet alleen in mobiele telefoons, maar straks ook in vuilnisbakken, kleding, voertuigen. En die sensoren produceren allemaal data: de hoeveelheid data die we opslaan verdubbelt elk jaar. Om daar op grote schaal slim gebruik van te kunnen maken, moeten we onze data-infrastructuur grondig innoveren. We moeten dan ook afscheid nemen van onze oude, asymmetrische netwerken die met kunst-en-vliegwerk in de lucht gehouden door de telecom en kabeleigenaren. Andere bedrijven hebben geen toegang om daar met innovaties of eigen initiatieven op te komen. Daarom werken overheid en bedrijfsleven – bijvoorbeeld in het platform GeoSamen – nu met elkaar samen om ervoor te zorgen dat de discussie over een nieuwe ondergrondse data-infrastructuur van glasvezel eens goed van de grond komt en de aanleg daardoor wordt versneld. Op dat nieuwe, open net hebben de kabelaars niet langer het monopolie. Dankzij de vrijwel onbeperkte bandbreedte kan iedereen straks diensten aanbieden.’

Slimme stad

Dus de oplossingen hoeven we niet te verwachten van de overheid?

‘De politiek heeft de afgelopen decennia gekozen om zo veel mogelijk aan “de markt” over te laten. Dat is niet altijd succesvol. Dat hebben we gezien in de zorg, het onderwijs en bij woningcorporaties. Het resultaat? Oplossingen die ver af staan van wat mensen willen en waar geld de dominante bepalende factor is. Daardoor is een onderstroom ontstaan van mensen die zich niet meer door de instituties laten leiden, maar het met elkaar regelen. Vaak met behulp van de mogelijkheden die de digitale revolutie biedt. Kijk maar naar Über of Airbnb. De overheid moet hierbij aanhaken en mensen met open data en openbare infrastructuren faciliteren om hun eigen ideeën vorm te geven.’

Denkt u echt dat dé oplossingen van onderop komen?

‘Ja, juist! Daar zijn we van oudsher al goed in, want in ons polderlandje hebben we altijd samen moeten werken om droge voeten te houden. Integraal, zonder vast te roesten in sectoren. En dat bewijzen we nu ook weer, bijvoorbeeld in het platform GeoSamen, waarin overheid, bedrijfsleven en kennisinstituten een gemeenschappelijke visie ontwikkelen op de geo-sector, die onmisbaar is bij de ontwikkeling van echte slimme steden. En we zijn al goed op weg: als het gaat om smart farming (precisielandbouw) lopen we voorop in de wereld. Dat realiseren we ons niet altijd even goed, maar als ik zie hoeveel belangstelling er uit het buitenland voor is …’

Welk probleem zou u onmiddellijk aanpakken?

‘De huidige gezondheidszorg wordt onbetaalbaar. Gelukkig biedt de slimme stad ook voor vergijzing en de kosten van de gezondheidszorg oplossingen. Zo maakt sensortechnologie het mogelijk dat de gezondheidstoestand van mensen steeds beter op afstand meetbaar is. Thuis, met een netwerk van mantelzorgers. Een consult met een arts kan ook via een beeldverbinding. En er kunnen nog veel meer oplossingen voor dit probleem ontwikkeld worden die ik niet bedenken kan. Maar wat ik wel weet, is dat die alleen gaan werken als er een goede, openbare data-infrastructuur is.’

Zonder gaat het niet?

‘Nee, het feit dat een broodnodige innovatie als het Elektronisch Patiënten Dossier zo moeizaam van de grond komt, heeft alles te maken met de verschillende netwerken van de providers. Het gaat pas werken als je dedicated lijnen voor de gezondheidszorg in de grond hebt liggen, zodat de sector het zelf kan organiseren. Naar mijn mening zouden de verzekeraars dat moeten initiëren. In elk geval verschuift een deel van het zorgbudget van de ziekenhuizen naar een goede data-infrastructuur. De kabels zelf kosten niet zo veel, maar wel om hun ligging goed in beeld te krijgen. En om dat op een slimme, efficiënte manier te doen hebben we partners als Geodan nodig.’